Interview

YARI AMARUQ VAN BUEL  – niet of/of maar en/en

interview: Petra Alsters, fotografie: Nico Heimans

Yarí , geboren in 1958 in Brabant, nu bijna 11 jaar getrouwd met Emma en moeder van een 17-jarige zoon, wist al heel vroeg dat sterven bij het leven hoort: ‘Ik was een jaar of vijf en had een jonger neefje dat leukemie kreeg. We konden aanvankelijk nog samen spelen, maar toen hij steeds zieker werd en later alleen maar in bed lag ging dat nauwelijks meer. In mijn herinnering was er niemand die me vertelde dat hij zou sterven, maar ik wist dat hij dood zou gaan. Toen hij was overleden zeiden de volwassenen dat hij een engeltje was geworden. Ik mocht hem gedag zeggen toen hij was opgebaard en werd toen boos omdat ik niet op zijn rug mocht kijken naar de vleugels die ik daar verwachtte.’  Naar de mening van Yarí  is het van belang kinderen te betrekken bij het stervensproces en de dood, uiteraard op het niveau dat zij  aankunnen.

Op internet heb ik ontdekt dat de naam Yari strijder of speerdrager betekent. Yari zelf geeft er nog een andere betekenis aan, namelijk ‘zich laten zien’ of ‘ergens voor staan’, een uitdrukking van een indianenstam in Zuid Amerika. Amaruq  betekent  witte wolf en komt van de Inuit (Eskimo’s). Als ik om verduidelijking vraag vertelt Yarí :  ‘Eind jaren negentig woonde ik in Turkije met mijn toenmalige man op een berg in een kleine gemeenschap van twintig huizen. Ik had al jaren een verbinding met het sjamanisme als spiritueel pad, toen ik op een gegeven moment een droom kreeg over wolven. Een aantal opeenvolgende nachten droomde ik dezelfde droom, met dien verstande dat het einde van de droom telkens anders was en ik steeds dichter bij de roedel kwam. Ik vond het mooie dromen en dacht er verder niet over na, maar dat werd anders toen ik echt een wolf ontmoette. Op een plateau achter mijn huisje zat ik van de natuur te genieten toen mijn hond in elkaar dook en wegkroop. Ik vroeg me af wat hem zo angstig maakte en zag toen een oude wolf aan de rand van het plateau, zo’n 50 meter van mij verwijderd. Eerst vond ik het eng, bleef stil zitten en keek hem niet rechtstreeks aan. Mijn ademhaling stokte en daarna kreeg ik een gevoel van opperste verwondering. Het was prachtig. Na een poos, stond hij op en verdween. Een tijdje later tijdens een trancereis (een vorm van diepe meditatie) kreeg ik de naam Amaruq en sindsdien is Wolf mijn krachtdier.”

Toen haar man plotseling overleed en Yarí  als buitenlandse weduwe in een geïsoleerde situatie niet de steun en mogelijkheden had er een verder leven op te bouwen, verliet ze de berg en keerde na een kort verblijf in Istanbul met haar kind terug naar Nederland. ‘Het was niet zo dat het na de dood van mijn man opeens heel naar werd. De mensen kookten soms voor me, dat was hun manier om mee te leven, en zij hadden respect gehad voor mijn overleden man. Maar geleidelijk veranderde hun houding en hielden ze zich afzijdig. Een westerse vrouw alleen ….   Hun leefwereld was zo totaal anders en ze konden zich een andere wereld dan de hunne niet voorstellen. Eens vroeg iemand me of een vliegtuig in de kamer paste en ik antwoordde  dat in een vliegtuig ruimte was voor wel twintig kamers. Dat konden ze niet geloven. Toen in  2001 de aanslag op de Twin Towers plaatsvond – ik hoorde het op mijn radio en rende naar het huis waar het enige tv-toestel van het dorp stond – werden de beelden van de aanslag steeds herhaald. Ik was in shock, maar niemand keek en niemand was aangedaan: het was iets dat ze totaal niet konden bevatten.’

We praten over de witte wolf, haar krachtdier, over de eigenschappen die met hem geassocieerd worden als intelligentie, creativiteit, expressiviteit, saamhorigheid en zorg voor de roedel. Aansluitend geeft Yarí  aan dat de natuur voor haar essentieel is. Al vanaf haar jeugd voelde ze zich met de natuur en met de elementen verbonden en toen ze volwassen was zocht ze actief naar een levensvisie, een basis van haar bestaan, waarin ook die verbondenheid een plaats kon krijgen. Het sjamanisme kwam op haar pad en paste haar als de spreekwoordelijke handschoen. ‘Ik wist dat het sjamanisme een belangrijk deel van mijn leven zou zijn, maar ik had er geen idee van hoe zich dat ging ontvouwen en ontwikkelen. Ik was nieuwsgierig en stelde mij open op, dan is beweging en verandering mogelijk.’

Yarí is van gemiddelde lengte, slank en beweeglijk. Ze is snel in het contact en tegelijkertijd rustig en toegankelijk, ze vertelt vlot en bevlogen over haar werk en over de Stichting Amaruq die recent tot stand is gekomen. Binnen deze stichting werkt zij onder andere als stervensbegeleidster. Als ze me iets uitlegt, formuleert ze bedachtzaam en zoekt ze naar woorden om haar waarheid en haar visie aan een leek zoals ik duidelijk te maken. Heel expliciet geeft ze aan dat het om haar persoonlijke perceptie gaat en dat anderen anders mogen denken, voelen en invullen. ‘Net als ik zoeken mensen naar een levensbeschouwing die bij hen past, daar is niks mis mee. Het is niet het een of het ander, het is en/en. Alles en iedereen maakt deel uit van de totale energie.’

Als ik vraag naar de manier waarop ze stervensprocessen begeleidt geeft ze uitvoerig antwoord: ‘Vanuit mijn sjamanistische achtergrond maak ik verbinding met de onzichtbare wereld en met natuurkrachten. Door die verbinding kan ik steun bieden aan de stervende en/of de naasten.  Natuurlijk zijn er mensen die onbekend zijn met het wereldbeeld van het sjamanisme, maar het is ook niet nodig om daar begrip van te hebben, het is mijn innerlijke wereld van waaruit ik leef en werk. Ik sluit heel natuurlijk aan bij het gevoel en de waarheden van de cliënt.’ Als voorbeeld vertelt ze over een katholieke cliënte die bang was voor de dood en voortdurend weesgegroetjes bad. Yari nam voor haar een rozenkrans mee en legde haar uit dat ze onder de mantel van Maria kon gaan rusten. ‘Dat gaf haar rust en zo kon ze de naderende dood accepteren’.

‘Als stervensbegeleider begeleid ik het proces van sterven; zowel voor de stervende als voor zijn of haar familieleden probeer ik de overgang van deze dimensie naar een andere te vergemakkelijken met liefdevolle bewuste aandacht. Het proces verloopt voor iedereen anders, omdat iedereen anders is en op een andere manier met het sterven omgaat. In die situatie stel ik me heel dienstbaar op en ben ik voortdurend alert op wat mijn cliënt nodig heeft om deze periode op een goede  en persoonlijke manier door te maken en te voltooien. Die insteek vraagt veel energie. Gelukkig kan ik weer opladen door in de natuur te zijn of te gaan wandelen.‘

Ik vertel Yarí dat ik me bij een sjamaan een zweverig iemand voorstelde en dat niet kon rijmen met het snel en zorgvuldig opzetten van de coronahulpdienst in de wijk. Ze lacht: ‘Op de eerste plaats ben ik geen sjamaan, maar is het sjamanisme mijn spirituele pad en houvast en maak ik waar dat past gebruik van sjamanistische technieken. Daarbij is het sjamanisme verre van zweverig, het is juist heel aards. Wat de coronahulpdienst betreft kwam ik via Nextdoor in contact met Jacomine van Wijk op de Hoogkamp. We besloten dat voor het overzicht de hulp beter per wijk georganiseerd kon worden. Ik kreeg de ondersteuning van o.a. de wijkraad en had met de nodige hulp de boel hier vrij snel draaiende. Ik ben blij dat ik dat heb kunnen doen en ook dat ik het heb kunnen overdragen aan Lianne de Koning omdat andere zaken mijn aandacht vragen.

De Stichting Amaruq, zie de site www.amaruq.nl, is kort geleden opgericht en heeft tot doel het sterven een volwaardige en van taboe ontdane plek in het leven te geven, binnen de samenleving als geheel en in ieders individuele leven. Op termijn wil de stichting een kleinschalig hospice realiseren.

Download hier het interview als PDF.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.